Geachte drs. Zee-ezel …

 

Betekent Schiphol ‘scheepsbos’?

 

Drs. Zee-ezel antwoordt:

De naam Sciphol is al in 1447 opgetekend. Het was natuurlijk niet de naam van een middeleeuws vliegveld, maar van een gebiedje bij Aalsmeer, in het gewest Holland. De naam Schiphol doet denken aan de naam Botshol. Zo heet een natuurgebied in de provincie Utrecht.

Het bijvoeglijk naamwoord hol betekende ‘laaggelegen; moerassig’. Daarvan is het zelfstandig naamwoord hol afgeleid. Schiphol was dan een ‘hol’ (een waterrijk moerasgebied) waar schepen konden varen. Soortgelijke namen zijn Schipbeek (‘bevaarbare beek’) en Schipluiden (‘bevaarbare lede’).

De nederzetting die bij de Schiphol ontstond, heeft de naam van dit moerasgebied gekregen. Later is de naam gebruikt voor het fort dat hier gebouwd werd en, nog weer later, voor het vliegveld.

Schiphol is eigenlijk best een mooie naam voor een luchthaven. Alleen is onze schchchch-klank knap lastig voor buitenlandse passagiers. Of zouden zij het juist wel exotisch vinden klinken?

 

Een substantief (zelfstandig naamwoord) dat is afgeleid van een adjectief (bijvoeglijk naamwoord), zoals hol in Schiphol, noem je een gesubstantiveerd adjectief.

 

Literatuur:
G. van Berkel & K. Samplonius, Nederlandse plaatsnamen; herkomst en historie. 3e druk, 2006.



Surfspin: naar alle vragen aan drs. Zee-ezel.
Naar het HOME van de Surfspin.


Geplaatst op 23 april 2010, het laatst gewijzigd op 23 maart 2012.

© Surfspin 2010-2012