index Zee-ezel


Goddelijke adem


Afgelopen zaterdag citeerde Remco Campert in Sir Edmund de eerste twaalf regels van Mei. In zijn woorden: “de goddelijke adem van Herman Gorter”.

Een nieuwe lente en een nieuw geluid:
Ik wil dat dit lied klinkt als het gefluit,
Dat ik vaak hoorde voor een zomernacht
In een oud stadje, langs de watergracht –
In huis was ’t donker, maar de stille straat
Vergaarde schemer, aan de lucht blonk laat
Nog licht, er viel een gouden blanke schijn
Over de gevels in mijn raamkozijn.
Dan blies een jongen als een orgelpijp,
De klanken schudden in de lucht zoo rijp
Als jonge kersen, wen een lentewind
In ’t boschje opgaat en zijn reis begint.



Zee-ezel: wen een lentewind …
Zee-ezel: is watergracht een pleonasme?
Naar alle vragen aan Zee-ezel.


Geplaatst op 26 mei 2015.

© Surfspin 2015