Geachte drs. Zee-ezel …

 

Waarom heet een koet ‘koet’?

 

Als we het over de koet hebben, dan hebben we het over de meerkoet.
De meerkoet is een watervogel. Zijn signalement luidt:

meerkoet (foto: Wikipedia)

 - zo groot als een eend
 - plomp postuur
 - zwarte veren
 - witte snavel en bles

Meerkoeten kom je overal tegen waar water is. Ze broeden zelfs in de Amsterdamse grachten!


De oud-onderwijzer Jac. P. Thijsse was een bekende schrijver van natuurboeken. Een eeuw geleden schreef hij:

Wanneer ge de goede gewoonte hebt, om goed uit te kijken als ge overdag een spoorreisje doet, dan zult ge bij het doorrijden van meren en plassen dikwijls massa’s zwarte ‘eendjes’ in ’t water zien liggen. Dat zijn meestal koeten.
   Wandelt ge in den zomer langs hun woonplaatsen, dan hoort ge ook onophoudelijk het kort, eenigszins keffend geluid: ‘Koet, koet’, waarmee ze elkander dag en nacht lokken en waarschuwen. Ook maken ze een geluid, dat lijkt net, alsof er met een houten hamer hard op een paaltje wordt geslagen.
 

Je weet het nu al:


De koet heet koet omdat hij ‘koet’ zegt!

 

Veel vogels zijn genoemd naar het geluid dat ze maken. Mooie voorbeelden zijn kievit, grutto, karekiet en koekoek. Er bestaat een deftig woord voor zo’n klanknabootsend woord: onomatopee.
Andere voorbeelden van onomatopeeën zijn: blaffen, miauwen, petsen, piepen. Als je even nadenkt, kun je er zelf ook wel een paar noemen!

 

Op de website van Vogelbescherming Nederland kun je de meerkoet horen en zien.
Surfspin: een dialectwoord voor de meerkoet is marolle.
Surfspin: naar alle vragen aan drs. Zee-ezel.
Naar het HOME van de Surfspin.


Geplaatst op 26 maart 2010.

© Surfspin 2010